ECLI:NL:CBB:2021:901

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
21 september 2021
Publicatiedatum
20 september 2021
Zaaknummer
20/868
Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond tegen weigering tegemoetkoming op grond van Beleidsregel COVID-19

Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19. Deze aanvraag is geweigerd omdat de SBI-code waaronder appellante op 15 maart 2020 was geregistreerd, niet voorkomt in de bijlage van de Beleidsregel.

Appellante stelt dat zij feitelijk getroffen is door de coronamaatregelen, omdat haar enige opdrachtgevers zeven McDonald's filialen zijn die door de sluiting van de horeca getroffen zijn. Tevens beroept zij zich op het gelijkheidsbeginsel, omdat andere ondernemingen met dezelfde SBI-code wel een tegemoetkoming ontvingen.

Het College verwijst naar eerdere uitspraken waarin is vastgesteld dat de Beleidsregel als buitenwettelijk begunstigend beleid moet worden aangemerkt, waardoor toetsing beperkt is tot de consistente toepassing van het beleid. Het College oordeelt dat verweerder het beleid consistent heeft toegepast door de aanvraag terecht af te wijzen op basis van de SBI-code.

De stelling van appellante dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden, wordt niet aannemelijk gemaakt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.

Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de tegemoetkoming wordt ongegrond verklaard omdat het beleid consistent is toegepast.

Uitspraak

uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 20/868

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 september 2021 in de zaak tussen

[naam BV] , te [plaats] , appellante

(gemachtigde: I. Garlemos),
en

de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder,

(gemachtigde: mr. C.J.M. Daniels).

Procesverloop

Bij besluit van 23 juni 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder geweigerd appellant een tegemoetkoming te verstrekken op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (Beleidsregel).
Bij besluit van 18 september 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van appellante ongegrond verklaard.
Met toestemming van partijen is afgezien van een behandeling ter zitting, waarna het College het onderzoek met toepassing van artikel 8:57, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht heeft gesloten.

Overwegingen

Aanleiding van deze procedure
1. Appellant heeft een aanvraag voor een tegemoetkoming op basis van de Beleidsregel ingediend.
2. Over de onderneming van appellante was op 15 maart 2020 in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK) de SBI-code [.....] (interieurreiniging van gebouwen) opgenomen, en als bedrijfsomschrijving ‘schoonmaakbedrijf’.
3. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen. In het bestreden besluit heeft verweerder geoordeeld dat de SBI-code waarmee appellante op de peildatum stond geregistreerd, niet in Bijlage 1 van de Beleidsregel staat. Van bijzondere omstandigheden die maken dat verweerder ten gunste van appellante moet afwijken van de Beleidsregel is niet gebleken, aldus verweerder.
Standpunt appellante
4. Appellante voert aan dat zij feitelijk is getroffen door de coronamaatregelen. Doordat haar enige opdrachtgevers 7 McDonalds filialen zijn, wordt zij getroffen door sluiting van de horeca. Hierdoor heeft zij ook recht op tegemoetkoming. Daarnaast doet zij een beroep op het gelijkheidsbeginsel, omdat andere onderneming met dezelfde werkzaamheden en SBI-code wel de tegemoetkoming hebben ontvangen.
Beoordeling door het College
5. Het College heeft verschillende uitspraken gedaan over de Beleidsregel. Het College verwijst naar de uitspraken van 22 december 2020 (ECLI:NL:CBB:2020:992, ECLI:NL:CBB:2020:993, ECLI:NL:CBB:2020:994 en ECLI:NL:CBB:2020:995). Daarin is onder meer opgenomen dat de Beleidsregel moet worden aangemerkt als buitenwettelijk begunstigend beleid. Dit houdt in dat de rechter alleen kan toetsen of het beleid op consistente wijze is toegepast.
6. Net als in genoemde uitspraken heeft verweerder zijn beleid in dit geval op consistente wijze toegepast. In het geval van appellante heeft verweerder de aanvraag voor een tegemoetkoming op grond van de Beleidsregel terecht afgewezen omdat de SBI-code waaronder appellante op 15 maart 2020 was geregistreerd, niet is vermeld in Bijlage 1.
7. Appellante heeft gesteld maar niet aannemelijk gemaakt dat er een schending is van het gelijkheidsbeginsel. Het beroep daarop slaagt daarom niet.
Conclusie
8. Het beroep tegen het bestreden besluit is ongegrond. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.W.C.M. van Emmerik, in aanwezigheid van J.S. Nooren, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 21 september 2021.
de voorzitter is verhinderd de de griffier is verhinderd de
uitspraak te ondertekenen uitspraak te ondertekenen