ECLI:NL:CBB:2022:616
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag wegens niet-installatie door bouwinstallatiebedrijf
Appellant diende een aanvraag in voor een investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing, specifiek voor een zonneboiler. Verweerder wees de aanvraag af omdat de installatie niet door een bouwinstallatiebedrijf was uitgevoerd, een vereiste volgens artikel 4.5.2, tweede lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.
Appellant betoogde dat hij door zijn ervaring en training in staat was de zonneboiler vakkundiger te installeren dan menig bouwinstallatiebedrijf en dat de eis van installatie door een bouwinstallatiebedrijf in zijn geval buiten toepassing moest worden gelaten. Het College overwoog echter dat deze eis is ingesteld om onkundige installaties zoveel mogelijk te voorkomen en dat de uitvoerbaarheid van de Regeling daarmee is gediend.
Het College vond de keuze van de regelgever begrijpelijk en oordeelde dat het ontbreken van een hardheidsclausule betekent dat geen belangenafweging kan worden gemaakt. De stelling van appellant dat hij deskundiger zou zijn dan erkende bouwinstallatiebedrijven was onvoldoende om van de norm af te wijken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard omdat de installatie niet door een bouwinstallatiebedrijf is uitgevoerd.