Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
[naam 2], te [plaats] , appellant,
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 14 september 2022 uitspraak gedaan in de zaak waarin appellant bezwaar maakte tegen een besluit van de minister van Economische Zaken en Klimaat. Het bezwaar was gericht tegen de intrekking van een subsidie (TVL-besluit) van 16 juni 2021.
De kern van het geschil betrof de tijdigheid van het bezwaar. Appellant diende het bezwaarschrift pas op 24 september 2021 in, terwijl de bezwaartermijn op 28 juli 2021 was geëindigd. Appellant voerde aan dat hij door verblijf in een afgelegen gebied in Marokko zonder internet en vanwege corona-beperkingen niet in staat was tijdig bezwaar te maken.
Het College oordeelde echter dat deze omstandigheden de termijnoverschrijding niet verschoonbaar maken. Appellant had immers toestemming gegeven om digitale berichten te ontvangen en was tijdens zijn verblijf in het buitenland wel in staat om op andere digitale berichten te reageren. Het is de verantwoordelijkheid van appellant om maatregelen te treffen om belangrijke berichten tijdig te zien.
Omdat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk werd verklaard, heeft het College niet inhoudelijk op het besluit van de minister kunnen ingaan. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare reden.