ECLI:NL:CBB:2023:198
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag en intrekking subsidie wegens niet voldoen aan vestigingsvereiste
De onderneming, een adviesbureau in de agrarische sector, had subsidie aangevraagd voor het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL). De subsidie voor Q4 2020 werd verleend, maar later ingetrokken en het voorschot teruggevorderd omdat de onderneming niet voldeed aan het vestigingsvereiste. De aanvraag voor Q1 2021 werd afgewezen om dezelfde reden.
De kern van het geschil betrof de vraag of de onderneming een vestiging had waar duurzame uitoefening van haar activiteiten plaatsvond. De onderneming gebruikte een schuur fysiek afgescheiden van de privéwoning, maar het College oordeelde dat de bedrijfsactiviteiten niet duurzaam in die schuur werden uitgevoerd. De schuur was beperkt ingericht en werd vooral gebruikt voor opslag en incidenteel werken aan adviezen.
De minister stelde terecht dat incidenteel gebruik van de schuur niet volstaat voor het vestigingsvereiste en dat de inrichting en voorzieningen onvoldoende waren voor duurzame bedrijfsvoering. De beroepen van de onderneming tegen de intrekking en afwijzing werden daarom ongegrond verklaard. Het College hoefde geen proceskosten toe te kennen.
Uitkomst: De beroepen tegen de intrekking van de subsidie en afwijzing van de subsidieaanvraag worden ongegrond verklaard wegens niet voldoen aan het vestigingsvereiste.