ECLI:NL:CBB:2023:429
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens uitbreiding vestigingen zonder omzetverlies bij TVL-subsidie
In deze zaak heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 7 augustus 2023 uitspraak gedaan over een beroep tegen een besluit van de minister van Economische Zaken en Klimaat betreffende de regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL).
De onderneming had een uitbreiding van het aantal vestigingen gerealiseerd, waardoor de bedrijfsactiviteiten waren uitgebreid en er geen sprake was van omzetverlies. De onderneming stelde dat dit aanleiding moest zijn voor een uitzondering op de TVL-regeling, die volgens haar geen rekening houdt met afzonderlijke vestigingen.
Het College oordeelde dat de TVL-regeling geen mogelijkheid biedt om vestigingen los van elkaar te beoordelen en dat de minister geen uitzondering hoefde te maken, ook niet bij een andere rechtsvorm. Het College verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat de regeling geen afwijkingen kent en dat het ontbreken van een hardheidsclausule een bewuste keuze van de wetgever is.
Hoewel de uitkomst voor de onderneming onbevredigend is, acht het College de toepassing van de regeling niet onredelijk of onrechtmatig. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de uitbreiding van vestigingen geen omzetverlies oplevert en de TVL-regeling geen uitzonderingen toestaat.