ECLI:NL:CBB:2023:529
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag vloerisolatie wegens eerdere subsidie glasisolatie
De zaak betreft een beroep van een aanvrager tegen de afwijzing van zijn subsidieaanvraag voor vloerisolatie. Eerder was aan hem subsidie verleend voor glasisolatie op dezelfde woning onder een andere regeling. De minister wees de aanvraag af op grond van artikel 4.5.9 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, omdat voor dezelfde investering reeds subsidie was verstrekt.
De aanvrager stelde dat hij recht had op subsidie voor vloerisolatie, omdat het om twee verschillende energiebesparende maatregelen ging en dat de regeling onduidelijk en oneerlijk was. Het College oordeelde dat de regeling duidelijk is en dat het ontbreken van een hardheidsclausule betekent dat de minister geen uitzondering kan maken. De regeling beoogt grote investeringen in één keer te stimuleren in plaats van gespreide deelinvesteringen.
Het College verwierp het beroep en concludeerde dat de minister terecht de subsidieaanvraag voor vloerisolatie heeft afgewezen. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigden en de regeling is niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag voor vloerisolatie is ongegrond verklaard.