ECLI:NL:CBB:2023:748
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing te late subsidieaanvraag vaste lasten financiering COVID-19 bevestigd
De onderneming diende een aanvraag in voor subsidie op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2022. De minister wees deze aanvraag af omdat deze te laat was ingediend. Vervolgens verklaarde de minister het bezwaar van de onderneming ongegrond. De onderneming stelde beroep in tegen dit besluit.
Tijdens de zitting op 14 december 2023 werd toegelicht dat de onderneming had gewacht met het indienen van de aanvraag totdat de omzetcijfers van het tweede kwartaal bekend waren, mede op basis van telefonisch advies van een medewerker van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) uit augustus 2020. Dit advies kon echter niet worden bevestigd in het systeem van de minister en was bovendien niet bindend voor toekomstige aanvragen.
Het College oordeelde dat de minister terecht vasthield aan de dwingendrechtelijke afwijzingsgrond voor te late aanvragen. De eerdere deadline was noodzakelijk om de aanvragen tijdig af te handelen vóór 1 juli 2022, waarna Europese regels het verstrekken van steun verboden. De RVO had ondernemingen via diverse kanalen op deze deadline gewezen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en bleef de afwijzing van de subsidieaanvraag in stand.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de afwijzing van de te late subsidieaanvraag is ongegrond verklaard.