ECLI:NL:CBB:2024:800
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
College veroordeelt minister tot vergoeding proceskosten in samenhangende bestuursrechtelijke beroepszaken
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 5 november 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke beroepszaak tussen een onderneming en de minister van Economische Zaken. De minister heeft aan de onderneming subsidie toegekend op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2022, waardoor zij aan de onderneming is tegemoetgekomen.
De onderneming had beroep ingesteld en dit beroep later ingetrokken met het verzoek om de minister te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. Het College heeft vastgesteld dat deze zaak samenhangt met nog 30 andere beroepszaken, waardoor het toepasselijke forfaitaire bedrag van €1.312,50 niet in verhouding staat tot het aantal zaken.
Daarom heeft het College toepassing gegeven aan het derde lid van artikel 2 van Pro het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) en de proceskosten vastgesteld op in totaal €3.100,-, oftewel €100,- per beroepszaak. Tevens is opgemerkt dat de minister reeds een vergoeding in bezwaar heeft toegekend en dat de griffierechten van €365,- volgens artikel 8:41 Awb Pro door de minister moeten worden vergoed.
De uitspraak is gedaan zonder zitting, op basis van voldoende informatie, en de minister is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan de onderneming.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van €100,- proceskosten aan de onderneming per samenhangende beroepszaak.