ECLI:NL:CBB:2024:801
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
College veroordeelt minister tot vergoeding proceskosten na tegemoetkoming aan onderneming
In deze bestuursrechtelijke uitspraak behandelt het College van Beroep voor het bedrijfsleven een beroepszaak van een onderneming tegen de minister van Economische Zaken.
De onderneming had beroep ingesteld tegen een besluit omtrent subsidie op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor Q1 2022. De minister kwam de onderneming tegemoet door middel van een herzieningsbesluit van 10 juli 2024, waarbij alsnog subsidie werd toegekend. Hierdoor trok de onderneming haar beroep in en verzocht zij om vergoeding van de proceskosten.
Het College oordeelt dat de minister op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in de proceskosten moet worden veroordeeld omdat zij aan de onderneming is tegemoetgekomen. Gezien de samenhang met 30 andere beroepszaken past het College het forfaitaire kostenbedrag aan naar € 100,- per zaak, totaal € 3.100,-.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op 5 november 2024 door mr. D. Brugman. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van € 100,- aan proceskosten aan de onderneming. Daarnaast wordt gewezen op de vergoeding van griffierecht die rechtstreeks uit de Awb voortvloeit.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van € 100,- aan proceskosten aan de onderneming.