ECLI:NL:CBB:2024:812
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
College veroordeelt minister tot vergoeding proceskosten na tegemoetkoming aan maatschap
In deze bestuursrechtelijke uitspraak van 5 november 2024 veroordeelt het College van Beroep voor het bedrijfsleven de minister van Economische Zaken tot vergoeding van de proceskosten aan de maatschap. De minister was aan de maatschap tegemoetgekomen door middel van een herzieningsbesluit waarin een hogere subsidie werd vastgesteld op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2022.
De maatschap had haar beroep ingetrokken en verzocht de minister in de proceskosten te veroordelen. Het College stelt vast dat de zaak samenhangt met dertig andere beroepszaken en past daarom een forfaitaire kostenvergoeding toe van € 3.100,-, wat neerkomt op € 100,- per zaak, in afwijking van het standaardbedrag.
Het College wijst erop dat de minister reeds een vergoeding in bezwaar had toegekend en ziet geen aanleiding voor een nadere kostenveroordeling in bezwaar. Daarnaast wordt vermeld dat de minister verplicht is het griffierecht van € 365,- te vergoeden volgens artikel 8:41, zevende lid, van de Awb.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar uitgesproken. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan de maatschap van € 100,-.