ECLI:NL:CBB:2025:203
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Boete voor vervoer van kreupel schaap met letsel en recidive bevestigd met matiging wegens termijnoverschrijding
Op 16 maart 2020 constateerde een toezichthouder van de NVWA tijdens een inspectie bij een slachthuis dat een schaap met een gezwollen en pijnlijke linker voorpoot aanwezig was, wat duidde op een ontsteking die meerdere dagen oud was. Het dier was niet geschikt voor transport, maar werd toch aangeboden voor verder vervoer. De minister legde aan de exploitant van het verzamelcentrum een boete van €4.500,- op wegens overtreding van de Wet dieren, de Regeling houders van dieren en de Transportverordening.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van de exploitant gegrond vanwege schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, maar liet de rechtsgevolgen van het boetebesluit in stand omdat de exploitant voldoende gelegenheid had gehad om de bevindingen te betwisten. De boete werd bevestigd, ondanks kritiek op de hoogte en het recidivebeleid.
In hoger beroep handhaafde het College de boete omdat de minister voldoende bewijs had geleverd dat het schaap al voor het transport kreupel was. De exploitant had onvoldoende onderbouwd dat de ontsteking tijdens het transport was ontstaan. De boete was passend en proportioneel, mede vanwege recidive. Wel matigde het College de boete met 10% tot €4.050,- wegens overschrijding van de redelijke termijn met acht maanden.
Het College vernietigde het eerdere besluit voor zover het de hoogte van de boete betrof, herroept het boetebesluit voor dat deel en bevestigde het voor overige aspecten. Het griffierecht werd terugbetaald aan de exploitant.
Uitkomst: Boete van €4.500,- voor vervoer van kreupel schaap wordt gematigd tot €4.050,- wegens overschrijding redelijke termijn; overige aspecten bevestigd.