ECLI:NL:CBB:2025:605
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
College van Beroep bevestigt weigering invoer hond wegens onvolledige invoerdocumenten en vaccinatie-eisen
Appellante probeerde haar hond vanuit Libanon naar de Europese Unie in te voeren, maar bij controle op Schiphol bleek dat de hond niet over de juiste invoerdocumenten beschikte en niet voldeed aan de rabiësvaccinatie-eisen volgens Verordening (EU) nr. 576/2013. De hond reisde met een EU-dierenpaspoort en een Libanees vaccinatieboekje, maar ontbrak een geldig gezondheidscertificaat en waren vaccinatiegegevens niet correct ingevuld. De hond werd in quarantaine geplaatst en uiteindelijk teruggestuurd naar Libanon.
Appellante voerde aan dat de hond wel degelijk was gevaccineerd en dat de titreringstest actueel was, en dat de hond in Nederland getest had kunnen worden. De minister stelde echter dat het ontbreken van een naar behoren ingevuld identificatiedocument al een overtreding vormde, ongeacht de feitelijke vaccinatiestatus. Het College oordeelde dat de Verordening geen ruimte biedt om een hond zonder geldig identificatiedocument toe te laten.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de minister hoefde geen proceskosten te vergoeden. De beslissing bevestigt de strikte toepassing van de EU-verordening inzake het niet-commerciële verkeer van gezelschapsdieren en benadrukt het belang van correcte en volledige documentatie bij invoer vanuit derde landen.
Uitkomst: Het beroep van appellante is ongegrond verklaard en de invoer van de hond is geweigerd.