ECLI:NL:CBB:2026:144
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar perceelintekening in Mijn percelen-applicatie
De maatschap maakte bezwaar tegen de weergave van haar percelen in de Mijn percelen-applicatie, met name tegen de aanwijzing van bufferstroken langs waterlopen. De minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de intekening geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), aangezien deze intekening niet op rechtsgevolg is gericht.
De maatschap erkende dat de intekening geen besluit is, maar stelde dat de perceelgrootte van belang is voor de vaststelling van mestplaatsingsruimte en vergoedingen. De minister had toegezegd correcties in de Gecombineerde opgave 2023 door te voeren, maar dit was niet gebeurd.
Het College oordeelde dat de intekening slechts een hulpmiddel is ter ondersteuning van de aanvraag en dat de maatschap de intekening zelf kan aanpassen. Pas na indiening van de Gecombineerde opgave volgt een besluit van de minister over de perceelomvang, waartegen bezwaar mogelijk is. Daarom is het bezwaar tegen de intekening niet-ontvankelijk en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de perceelintekening is ongegrond verklaard.