ECLI:NL:CBB:2026:205
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor permanente verhoging slachtsnelheid pluimveeslachterij
Esbro B.V. heeft een aanvraag ingediend voor een permanente verhoging van de slachtsnelheid naar 15.000 kuikens per uur. Na eerdere afwijzing werd de aanvraag in behandeling genomen en alsnog afgewezen door de staatssecretaris. Esbro stelde beroep in en verzocht om voorlopige voorzieningen.
De staatssecretaris stuurde een brief waarin werd meegedeeld dat de pilot met verhoogde slachtsnelheid eindigde en dat de snelheid daarna moest worden afgebouwd. Esbro stelde dat deze brief een besluit was dat zij kon aanvechten, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat de brief geen besluit is omdat het slechts de bevestiging van het einde van de pilotfase betreft zonder rechtsgevolg.
Verder werd beoordeeld of Esbro een spoedeisend belang had bij de voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter stelde vast dat de bedrijfseconomische gevolgen voortvloeien uit het einde van de pilot en niet uit het bestreden besluit. Ook de investeringen en concurrentiepositie van Esbro rechtvaardigen geen spoedeisend belang.
Daarom wees de voorzieningenrechter de verzoeken om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door mr. M.M. Smorenburg op 1 mei 2026.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat geen besluit is genomen en er geen spoedeisend belang bestaat.