Uitspraak
C E N T R A L E G R O N D K A M E R
dedesbetreffende taxateur betreft en dat een en ander als zodanig niet afdoet aan hun voormelde zienswijze. Overigens hebben verpachters bij brief van 14 februari 1997, derhalve tijdig vóór 1 maart 1997, pachter doen weten geen verdere verlenging van de onderhavige pachtovereen komst te wensen. De desbetreffende procedure bij de pachtkamer van het bevoegde kantongerecht is aangehouden in verband met de onderhavige procedure.