ECLI:NL:CRVB:1975:1
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling premieplicht werknemer en toepassing art. 11 lid 4 Coördinatiewet Sociale Verzekering
In deze zaak stond centraal of de werknemer, die tevens zwager van de werkgever was, premieplichtig was voor de jaren 1968 tot en met 1970 volgens de Coördinatiewet Sociale Verzekering. De bedrijfsvereniging had aanvankelijk gecommuniceerd dat vanwege de familieband geen sprake was van een arbeidsovereenkomst en dat de werknemer niet verplicht verzekerd was. Desondanks werd later premie geheven over de betreffende jaren.
De werkgever stelde zich op het standpunt dat de werknemer niet in dienstbetrekking werkzaam was, mede vanwege de familieband. De bedrijfsvereniging baseerde zich op het feit dat het salaris vergelijkbaar was met dat van een vreemde arbeidskracht en dat de werknemer als zodanig was opgegeven bij de belastingdienst, inclusief inhouding van premies en loonbelasting.
De Raad stelde vast dat er sprake was van een dienstbetrekking en dat de bedrijfsvereniging op grond van art. 11 lid 4 Co Proördinatiewet verplicht was premie vast te stellen, ook als achteraf bleek dat aanvankelijk geen premie was geheven. Tegelijk erkende de Raad dat in bijzondere gevallen strikte toepassing van deze wetsbepaling in strijd kan zijn met ongeschreven recht, waardoor geen rechtsplicht meer bestaat. De Raad oordeelde dat onvoldoende gegevens aanwezig waren om te bepalen of dit bijzondere geval zich voordeed en gaf opdracht tot een nadere beslissing.
De uitspraak benadrukt het belang van ondubbelzinnige schriftelijke communicatie van de bedrijfsvereniging aan de belanghebbende en de mate waarin de belanghebbende redelijkerwijs mocht vertrouwen op verstrekte informatie. Tevens werd gewezen op de mogelijke onredelijke gevolgen van wijziging van eerder ingenomen standpunten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraak en beveelt een nadere beslissing over de premieplicht met inachtneming van de overwegingen omtrent vertrouwen en ongeschreven recht.