ECLI:NL:CRVB:1994:AN3766
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bekker
- W. van den Brink
- Ch.J.G. Olde Kalter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over vertrouwensbeginsel bij toekenning tijdelijke toelage ambtenaar
Eiser stelde beroep in tegen de impliciete weigering van de Kroon om hem een tijdelijke toelage toe te kennen op grond van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. De rechtbank had het beroep afgewezen en oordeelde dat het besluit niet in strijd was met het vertrouwensbeginsel omdat de toelage door de Kroon wordt toegekend, niet door de Minister van Verkeer en Waterstaat.
Eiser richtte zijn hoger beroep tegen een overweging van de rechtbank die stelde dat klagers redelijkerwijs op de hoogte konden zijn van de bevoegdheid van de Kroon en dat het vertrouwensbeginsel daarom niet van toepassing was. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze overweging onderdeel uitmaakt van de beoordeling en dat eiser ontvankelijk is in hoger beroep.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat de Kroon niet het verwijt kan worden gemaakt verwachtingen te hebben gewekt. De Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en bevestigde de bestreden uitspraak voor zover aangevochten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.