ECLI:NL:CRVB:1994:AY4140
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.F.M. Brenninkmeijer
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.H. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Geen arbeidsovereenkomst tussen eiseres en betrokkene voor premieplicht werknemersverzekeringen
Eiseres werd door het bestuur van de Bedrijfsvereniging voor de Metaalnijverheid aangeslagen voor premies werknemersverzekeringen over betalingen aan betrokkene in 1988, op grond van het aannemen van een arbeidsovereenkomst. De rechtbank verklaarde het beroep van eiseres ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad overwoog dat hoewel leiding en toezicht door de bedrijfsleider van eiseres een indicatie voor een arbeidsovereenkomst kunnen zijn, andere feiten zoals het gebruik van eigen bedrijfswagen, inschrijving bij de Kamer van Koophandel, BTW-afdracht, en het inschakelen van betrokkene's zoon als assistent, wijzen op zelfstandigheid. Ook het verschil tussen normuren en werkelijke uren duidt op een risico dat betrokkene droeg.
De Raad concludeert dat de arbeidsverhouding niet voldoet aan de vereisten van een privaatrechtelijke dienstbetrekking en vernietigt de bestreden beslissing. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de premievaststelling en oordeelt dat geen arbeidsovereenkomst bestond, waardoor geen premies verschuldigd zijn.