ECLI:NL:CRVB:1995:ZB1486
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- M.A. Hoogeveen
- Chr. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Vergoeding wettelijke rente over onterecht onthouden ziekengeld volgens Ziektewet
Appellant werd op 24 juli 1992 ziekgemeld en kreeg aanvankelijk geen ziekengeld toegekend vanaf 28 juli 1992, omdat hij als hersteld werd beschouwd. Na medische herbeoordeling werd vastgesteld dat appellant wel recht had op ziekengeld vanaf die datum. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt dit en het bestreden besluit omdat het ziekengeld ten onrechte was onthouden.
Appellant vordert daarnaast wettelijke rente over de periode waarin het ziekengeld onterecht niet werd betaald. De Raad overweegt dat de schadevergoeding wegens vertragingsschade gebaseerd moet zijn op de wettelijke rente volgens de artikelen 6:119 en 6:120 BW. De rente moet worden berekend vanaf het moment dat het ziekengeld had moeten worden uitgekeerd, namelijk uiterlijk 10 augustus 1992, tot aan de dag van betaling.
De Raad oordeelt dat de rente berekend moet worden over het bruto bedrag van het ziekengeld, verminderd met eventuele bruto-uitkeringen die appellant over dezelfde periode ontving uit andere sociale zekerheidswetten. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan appellant vergoed en wordt de Bedrijfsvereniging voor de Bouwnijverheid veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het besluit en de uitspraak worden vernietigd en de Bedrijfsvereniging wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over het onterecht onthouden ziekengeld vanaf 28 juli 1992.