ECLI:NL:CRVB:1995:ZB5338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Boesjes
- Ch. de Vrey
- P.H. Schippers
- Rechtspraak.nl
Weigering ontheffing nevenwerkzaamheden ambtenaar Belastingdienst onvoldoende gemotiveerd
Appellante, werkzaam bij de Belastingdienst, verzocht om toestemming voor nevenwerkzaamheden als bestuurder van een vennootschap die handelt in zeilboten. Dit verzoek werd door gedaagde, de Staatssecretaris van Financiën, geweigerd op grond van het verbod nevenwerkzaamheden en mogelijke belangenverstrengeling.
Appellante stelde dat de weigering onterecht was vanwege onvoldoende onderzoek naar de aard en omvang van de nevenwerkzaamheden en voerde beroep aan tegen het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders.
De Raad stelde vast dat gedaagde onvoldoende zorgvuldigheid in de besluitvorming had betracht, met name door geen nader onderzoek te doen naar de omvang van de nevenwerkzaamheden en appellante niet nader te horen. Ook was de motivering van het besluit gebrekkig en werden onjuiste verwijzingen naar wettelijke bepalingen gemaakt.
De Raad vernietigde het bestreden besluit, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde gedaagde in de proceskosten. Bij hernieuwde beslissing moet gedaagde de in deze uitspraak genoemde overwegingen in acht nemen.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van ontheffing nevenwerkzaamheden wordt vernietigd en het beroep van appellante wordt gegrond verklaard.