ECLI:NL:CRVB:1995:ZF1673
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- A.F.M. Brenninkmeijer
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- Rechtspraak.nl
Toetsing en motivering van malusbeslissingen in de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet
De zaak betreft beroepen van werkgevers tegen malusbeslissingen van bedrijfsverenigingen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW). De rechtbanken waren verdeeld over de gegrondheid van deze beroepen, waarna de Centrale Raad van Beroep uitspraak deed. De Raad bevestigt dat malusbeslissingen geen strafrechtelijke sancties zijn, maar financiële bijdragen die werkgevers moeten leveren voor arbeidsongeschiktheid van werknemers.
De Raad stelt dat de malusbeslissingen zorgvuldig moeten worden voorbereid en gemotiveerd, waarbij ook de belangen van de werkgever worden meegewogen. De bedrijfsverenigingen kunnen niet volstaan met een verwijzing naar de toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering aan de werknemer, maar moeten per individueel geval de relevante feiten en procedures inzichtelijk maken. Tevens benadrukt de Raad het belang van privacybescherming van werknemers, waarbij medische gegevens alleen onder strikte voorwaarden mogen worden gedeeld.
Verder behandelt de Raad diverse technische en interpretatieve geschilpunten over de berekening van de malus, het toepasselijke loonjaar, en het arbeidsongeschiktheidsrisico. De Raad oordeelt dat de malus verschuldigd wordt na het eerste WAO-jaar en dat bij de berekening van het loon geen rekening wordt gehouden met door de bedrijfsvereniging betaald ziekengeld. Tot slot veroordeelt de Raad de bedrijfsverenigingen in de proceskosten en griffierechten van de werkgevers en vernietigt de malusbeslissingen wegens onvoldoende motivering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de malusbeslissingen wegens onvoldoende motivering en bevestigt het belang van zorgvuldige toetsing en privacybescherming.