ECLI:NL:CRVB:1995:ZF1947
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bekker
- H.A.A.G. Vermeulen
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Terugwijzing zaak wegens onbevoegde intrekking beroep ambtenaar
Appellant stelde beroep in tegen zijn ontslagbesluit van 28 september 1988. Het beroep werd door een gemachtigde namens appellant op 6 januari 1989 ingetrokken, maar appellant stelde later dat deze intrekking onbevoegd was omdat de gemachtigde niet over een daartoe strekkende volmacht beschikte.
De rechtbank verklaarde het beroep vervallen, uitgaande van een geldige intrekking. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat de intrekking niet rechtsgeldig was omdat de volmacht niet tot intrekking strekte en appellant geen aanvullende machtiging had gegeven.
De Raad overweegt dat het langdurige stilzitten van appellant na de intrekking niet zonder meer gelijkstaat aan een machtiging tot intrekking. Ook houdt de Raad rekening met de omstandigheden, waaronder de arbeidsongeschiktheid en psychische problemen van appellant.
Daarom vernietigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak terug naar de Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage voor verdere behandeling, waaronder de beoordeling van proceskostenvergoedingen op grond van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling.