ECLI:NL:CRVB:1996:AA8503
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- H. Bekker
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en ziekengeld onder Ziektewet bij fibromyalgie
Appellante meldde zich ziek met klachten die duidden op fibromyalgie en ontving ziekengeld op grond van de Ziektewet. Diverse medische onderzoeken, waaronder door een revalidatiearts en een reumatoloog, concludeerden dat zij niet arbeidsongeschikt was voor lichte arbeid. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit tot beëindiging van ziekengeld ongegrond.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij wel degelijk arbeidsongeschikt was en dat de beoordeling niet volgens de TICA-richtlijn was uitgevoerd. De Raad oordeelde dat de TICA-richtlijn niet bindend was, omdat het besluit was genomen vóór de publicatie ervan. De medische rapporten van de door appellante ingeschakelde artsen waren onvoldoende geobjectiveerd om een grotere arbeidsbeperking aan te nemen.
De Raad stelde vast dat appellante zelf haar oude werk had beëindigd en dat de maatstaf voor arbeidsongeschiktheid daarom lichte arbeid in dezelfde omvang als voorheen moest zijn. De Raad concludeerde dat appellante niet voldeed aan de criteria voor arbeidsongeschiktheid op medische gronden en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het besluit tot beëindiging van ziekengeld wordt afgewezen en het bestreden besluit bevestigd.