ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6605
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- L.J.A. Damen
- C.W.M. van Ballegooijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over indeling uitleenbedrijf bij Nieuwe Algemene Bedrijfsvereniging
De zaak betreft een geschil over de indeling van een werkgever, een stichting die chauffeurs poolt en uitleent, bij een bedrijfsvereniging. Verweerder besloot de stichting per 1 januari 1996 aan te sluiten bij de Nieuwe Algemene Bedrijfsvereniging (NAB), terwijl eisers dit besluit betwistten en beroep instelden. De Raad oordeelt dat de motivering van het bestreden besluit niet voldoet aan de eisen van artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat onvoldoende specifiek is ingegaan op de aangevoerde argumenten en beleidscriteria.
De Raad constateert dat verweerder beleidsvrijheid heeft bij de dispensatiebevoegdheid op grond van artikel 3 van Pro het Uitleenbesluit, maar dat de gehanteerde beleidscriteria niet pasklaar zijn voor de onderhavige situatie. De Raad vindt dat twee verschillende besluiten rechtens verdedigbaar zijn: aansluiting bij de Bedrijfsvereniging voor het Vervoer of bij de NAB. De Raad oordeelt dat verweerder in redelijkheid tot het bestreden besluit heeft kunnen komen en niet onrechtmatig heeft gehandeld.
Verder overweegt de Raad dat het niet aannemelijk is dat sprake is van een bijzonder geval dat een afwijking van de beleidsregels rechtvaardigt. Argumenten zoals exclusieve aanwijzing door de minister en kostenverhogingen zijn onvoldoende gerelateerd aan het doel van het Indelingsbesluit. De Raad vernietigt het besluit vanwege gebrekkige motivering, maar laat de rechtsgevolgen in stand. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.