ECLI:NL:CRVB:1997:ZB7043
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Ch. de Vrey
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijk strafontslag politieambtenaar wegens alcoholgebruik tijdens diensttijd
Appellant, een politieambtenaar met een langdurig alcoholprobleem, werd in april 1994 een voorwaardelijk strafontslag opgelegd wegens ernstig plichtsverzuim door alcoholgebruik tijdens diensttijd. De voorwaarde was dat hij zich tot 1 mei 1996 niet schuldig zou maken aan soortgelijk of ander plichtsverzuim. Tijdens de uitreiking van dit besluit op 20 april 1994 werd opnieuw vastgesteld dat appellant onder invloed van alcohol was.
De korpsbeheerder besloot daarop het voorwaardelijk strafontslag ten uitvoer te leggen en stelde appellant per 1 juli 1994 ongevraagd ontslag in het vooruitzicht. Appellant ging hiertegen in beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het bij het voorwaardelijk strafontslag gestelde verbod op plichtsverzuim ziet op toekomstig handelen na het besluit en dat het geconstateerde alcoholgebruik op 20 april 1994 voortkwam uit eerder genuttigde alcohol, dus niet als nieuw plichtsverzuim kan worden aangemerkt.
Daarom was het besluit tot tenuitvoerlegging van het ontslag onterecht. De Raad vernietigde het bestreden besluit en het primaire besluit tot ontslag en veroordeelde de politieregio Zuid-Holland-Zuid tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag wegens alcoholgebruik tijdens diensttijd wordt vernietigd.