ECLI:NL:CRVB:1998:AA8740
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Grendel
- F.P. Zwart
- Th.M. Schelfhout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens niet-aanmerken als eigen of pleegkind
Appellante verzocht kinderbijslag voor haar kleindochter C, maar de Sociale Verzekeringsbank weigerde dit vanaf het derde kwartaal van 1993. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellante ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad stelde vast dat het besluit niet kon worden gezien als een weigering om terug te komen op een eerder rechtens onaantastbaar besluit, omdat het ging om een andere periode en een integrale toetsing had plaatsgevonden. De kernvraag was of C als eigen kind of pleegkind van appellante kon worden beschouwd volgens de Algemene Kinderbijslagwet.
De Raad oordeelde dat adoptie naar Spaans recht niet gelijkgesteld kan worden aan adoptie naar Nederlands recht, mede vanwege verschillen in wettelijke vereisten zoals het verbod op adoptie door grootouders en het leeftijdsverschil. Ook het beroep op het internationaal privaatrecht en het EG-recht leidde niet tot een ander oordeel. Verder was niet aannemelijk dat appellante daadwerkelijk de ouderlijke rol vervulde die vereist is voor het pleegkinderschap, mede vanwege het duurzame verblijf van C in Spanje.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd eveneens verworpen. De Raad zag geen grond om de kinderbijslag voort te zetten tot het einde van de schoolopleiding van C. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en de weigering van kinderbijslag gegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag omdat het kind niet als eigen of pleegkind wordt aangemerkt.