ECLI:NL:CRVB:2000:AA5833
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- H.R. Geerling-Brouwer
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaren tegen anoniementarief loonbelasting
Appellanten, allen ambtenaren bij de Universiteit van Amsterdam, maakten bezwaar tegen besluiten van de werkgever om vanwege weigering tot inzage van paspoort het anoniementarief van 60% loonbelasting toe te passen. De rechtbank verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk omdat bezwaar en beroep tegen inhouding van loonbelasting volgens de wet bij de belastinginspecteur en belastingrechter behoren te worden ingesteld.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en overweegt dat het verzoek tot inzage en de vaststelling van identiteit nauw verbonden zijn met het inhoudingsbesluit loonbelasting en daarom geen zelfstandige besluiten vormen waartegen apart bezwaar mogelijk is. De Raad verwerpt het argument van appellanten dat deze handelingen ambtenarenrechtelijk zijn en daarom wel ontvankelijkheid rechtvaardigen.
De Raad wijst erop dat de bezwaren terecht zijn doorgezonden naar de belastinginspecteur, die deze vervolgens ongegrond verklaarde. Ook is vastgesteld dat de wettelijke bepalingen omtrent de identiteit en het anoniementarief niet in strijd zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De aangevallen uitspraken worden bevestigd en het beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat bezwaren tegen het anoniementarief loonbelasting niet-ontvankelijk zijn bij de werkgever en moeten worden gericht aan de belastinginspecteur.