ECLI:NL:CRVB:2000:AB2478
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- F.P. Zwart
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit terugvordering kinderbijslag wegens onzorgvuldige beoordeling
Appellant ontving kinderbijslag voor drie kinderen die in Egypte woonden. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) besloot de kinderbijslag over meerdere kwartalen terug te vorderen omdat appellant niet had aangetoond dat hij de kinderen in belangrijke mate onderhield.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat de SVB ten onrechte was teruggekomen op de toekenning van kinderbijslag voor twee van de kinderen, omdat appellant al in 1995 had gemeld dat deze kinderen uitwonend waren en er geen wijziging in omstandigheden was die rechtvaardigde dat de SVB haar besluit herziet.
Voor het derde kind oordeelde de Raad dat de weigering van kinderbijslag onzorgvuldig was voorbereid, mede omdat appellant aannemelijk had gemaakt dat zijn echtgenote vanaf begin 1997 bij de kinderen woonde. De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat de SVB een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd de SVB veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering van kinderbijslag wordt vernietigd en de Sociale Verzekeringsbank wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit.