ECLI:NL:CRVB:2000:AE8559
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergoeding diagnostisch onderzoek en behandeling bij niet-gecontracteerd centrum
Appellante, die na haar bevalling last kreeg van bekkeninstabiliteit, vroeg vergoeding voor diagnostisch onderzoek en behandeling in het Spine & Joint Centre (SJC). Het ziekenfonds weigerde deze vergoeding omdat het SJC geen contractuele relatie met het fonds had en de behandeling niet als medisch noodzakelijk werd beschouwd.
De Commissie voor beroepszaken van de voormalige Ziekenfondsraad onderschreef dit standpunt, mede op basis van het advies van een medisch adviseur die stelde dat de behandeling een specifieke oefentherapie betrof zonder bewezen meerwaarde en dat de klachten ook door gecontracteerde fysiotherapeuten behandeld konden worden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad overwoog dat het ziekenfonds een discretionaire bevoegdheid heeft om toestemming te weigeren indien de behandeling niet medisch noodzakelijk is en dat de adviezen van de behandelend artsen niet bindend zijn voor het ziekenfonds.
De Raad vond dat het verzoek van appellante niet zorgvuldig was ingediend en dat het ziekenfonds voldoende zorgvuldig had gehandeld. Er was geen sprake van onzorgvuldigheid of strijd met rechtsnormen. Het hoger beroep faalde en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van vergoeding bevestigd.