ECLI:NL:CRVB:2000:AL1092
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- H. Bekker
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering wijziging werktijd ambtenaar en procedurele aspecten
Appellant, werkzaam bij de sector Bestuursrecht van de Arrondissementsrechtbank te 's-Gravenhage, verzocht om toestemming om zijn werktijd te wijzigen van 9.00 uur naar 9.15 uur vanwege het naar school brengen van zijn zoontje. Dit verzoek werd bij besluiten van 18 oktober 1996 en 19 december 1997 afgewezen. Appellant maakte bezwaar en stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam die het besluit op formele gronden vernietigde maar inhoudelijk het bezwaar ongegrond verklaarde.
De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat de Rechtbank bevoegd was ondanks formele bezwaren en verklaarde het hoger beroep ontvankelijk. De Raad stelde vast dat de werk- tijdregeling op correcte wijze tot stand was gekomen en dat de hoofd van dienst bevoegd is om werktijden op redelijke gronden vast te stellen. De weigering om appellant toe te staan later te beginnen werd als redelijk beoordeeld, mede omdat appellant onvoldoende zwaarwegende redenen had aangevoerd.
Daarnaast werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel en de Arbeidstijdenwet verworpen. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan bewijs van schade. Tenslotte vernietigde de Raad het besluit van 23 juli 1998 voor zover daarin het bezwaar tegen het besluit van 19 december 1997 niet-ontvankelijk werd verklaard. Het hoger beroep werd in zijn geheel ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de weigering van werktijdwijziging bevestigd.