ECLI:NL:CRVB:2001:1
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- T. Hoogenboom
- P.G.M. Zwartkruis
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-voortzetting tijdelijke aanstelling ambtenaar gemeente Noordwijk
Appellant was via een detacheringscontract en daaropvolgende tijdelijke aanstellingen werkzaam bij de gemeente Noordwijk in de functie van arbeidsmarktconsulent. De tijdelijke aanstelling liep tot 1 januari 1998, waarna deze van rechtswege zou eindigen op grond van artikel 8:12 van Pro de CAR/UWO. Appellant stelde dat hij per 1 juli 1997 een vaste aanstelling had moeten krijgen, omdat de detacheringstijd en een periode van directe betaling door de gemeente Noordwijk meegeteld moesten worden.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het aanstellingsbesluit van 26 juni 1997 onherroepelijk was en dat het betoog van appellant dat hij recht had op een vaste aanstelling geen doel trof. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank dat het niet voortzetten van het dienstverband niet in strijd is met artikel 8:12 van Pro de CAR/UWO.
Verder oordeelde de Raad dat er geen verplichting bestond op grond van geschreven of ongeschreven recht of enig algemeen rechtsbeginsel om het dienstverband voort te zetten na 1 januari 1998. De Raad wees ook het verzoek om toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht inzake proceskosten af en bevestigde de aangevallen uitspraak.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het dienstverband niet voortgezet hoeft te worden en dat dit niet in strijd is met artikel 8:12 van de CAR/UWO.