ECLI:NL:CRVB:2001:AB1302
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- T.L. de Vries
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens te late griffierechtbetaling afgewezen
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft opposante hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de Arrondissementsrechtbank. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig voldoen van het griffierecht. Opposante kwam hiertegen in verzet en stelde dat het griffierecht wel tijdig was betaald.
De Raad oordeelde dat het griffierecht uiterlijk op 26 juni 2000 betaald had moeten zijn, maar dat de betaling pas op 27 juni 2000 op de rekening van de Raad was bijgeschreven. De stelling van opposante dat de storting op 24 juni 2000 was gedaan en daarmee tijdig was, werd verworpen omdat beslissend is de datum van bijschrijving op de rekening van de Raad. De Raad wees ook het argument af dat betaling via de bank gelijk zou staan aan directe bijschrijving.
De Raad concludeerde dat opposante in verzuim was en dat geen omstandigheden aanwezig waren om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en het hoger beroep bleef niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens te late betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.