ECLI:NL:CRVB:2001:AB1683
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- T.L. de Vries
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontbreken bezwaarprocedure bij kinderbijslaggeschil
Appellant had kinderbijslag ontvangen voor zijn kinderen die aanvankelijk in Soedan verbleven. De Sociale Verzekeringsbank schortte de betaling op vanwege onderzoek naar verblijf en leven van de kinderen. Bij bezwaar werd dit deels herzien, maar het geschil over het recht op kinderbijslag voor de periode van het derde kwartaal 1995 tot en met het tweede kwartaal 1996 bleef bestaan.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en het bestreden besluit inhoudelijk beoordeeld, ondanks het ontbreken van een voorafgaande bezwaarprocedure voor het primaire besluit. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat dit niet juist is omdat artikel 7:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een bezwaarprocedure voorschrijft bij primaire besluiten.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart appellant niet-ontvankelijk in hoger beroep. Het beroepschrift wordt doorgezonden naar de Sociale Verzekeringsbank ter behandeling als bezwaarschrift. Daarnaast veroordeelt de Raad de Sociale Verzekeringsbank in de proceskosten en gelast vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens het niet volgen van de bezwaarprocedure.