ECLI:NL:CRVB:2001:AB2185
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Ch.J.G. Olde Kalter
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluiten over AAW-uitkering en terugvordering bij zelfstandige akkerbouwer
Appellant, een zelfstandige akkerbouwer, ontving arbeidsongeschiktheidsuitkeringen (AAW) na een ongeval. De uitkeringen werden aangepast op basis van zijn fiscale winst, waarbij verzekeringsuitkeringen waren gebruikt om ondernemingsschulden af te lossen, wat leidde tot lagere rentelasten en hogere winst. De uitkeringsinstantie stelde de arbeidsongeschiktheidsklasse vast op basis van deze fiscale winst.
Appellant voerde aan dat de winststijging door lagere rentelasten geen inkomsten uit arbeid betrof, maar uit vermogen, en dat de terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering onredelijk was. De Raad oordeelde dat volgens vaste jurisprudentie de fiscale winst uit onderneming als inkomsten uit arbeid wordt aangemerkt, tenzij bijzondere omstandigheden dit verhinderen, wat hier niet het geval was.
Verder werd geoordeeld dat een zelfstandige moet accepteren dat achteraf op basis van jaarstukken wordt vastgesteld of onverschuldigde uitkeringen zijn betaald. De Raad bevestigde daarom de besluiten tot aanpassing van de uitkering en de terugvordering. De eerdere uitspraak van de rechtbank Leeuwarden werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de besluiten tot aanpassing van de AAW-uitkering en de terugvordering van onverschuldigde uitkering.