ECLI:NL:CRVB:2001:AB2199
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- F.P. Zwart
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Ontzegging overlijdensuitkering AOW wegens ontbreken gezinsverband met overledene
De Sociale Verzekeringsbank heeft aan gedaagde het recht op een overlijdensuitkering ingevolge de Algemene Ouderdomswet (AOW) ontzegd omdat zij niet met haar vader in gezinsverband leefde. De rechtbank had dit besluit vernietigd en het bezwaar gegrond verklaard, omdat gedaagde wel in gezinsverband met haar vader zou hebben geleefd.
Gedaagde verzorgde haar zieke vader en woonde tijdelijk bij hem in voor 24-uursverpleging. De rechtbank stelde dat dit verblijf en de verzorging indicatief waren voor een gezinsverband, mede gezien het meenemen van persoonlijke spullen en deelname aan de huishouding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter anders. Zij stelt dat gedaagde al een langdurig gezinsverband met haar echtgenoot had, dat zij niet heeft verbroken. De tijdelijke inwoning bij haar vader was slechts gericht op verzorging en vormt geen gezinsverband. Daarom wordt het beroep van de Sociale Verzekeringsbank alsnog ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van de Sociale Verzekeringsbank wordt ongegrond verklaard; gedaagde leefde niet in gezinsverband met haar vader.