ECLI:NL:CRVB:2001:AB2321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten medische informatie na onrechtmatig besluit arbeidsongeschiktheid
Gedaagde was werkzaam als ambulant verkoopster/chauffeur en meldde zich ziek vanwege rugklachten. Na een initiële weigering van het Landelijk instituut sociale verzekeringen om een arbeidsongeschiktheidsuitkering toe te kennen, stelde gedaagde bezwaar en beroep in. De rechtbank oordeelde dat het besluit onrechtmatig was omdat het instituut onvoldoende rekening hield met het revalidatieprogramma van gedaagde dat haar beschikbaarheid voor arbeid beperkte.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak en stelde vast dat het instituut het besluit van 26 augustus 1997 tegen beter weten in had genomen, ondanks kennis van het revalidatieprogramma en de beperkte arbeidsbeschikbaarheid. Hierdoor was het instituut gehouden de kosten te vergoeden die gedaagde in de bezwaarprocedure had gemaakt voor het verkrijgen van medische informatie.
Daarnaast werd het instituut veroordeeld tot betaling van proceskosten in hoger beroep en werd een recht van heffing vastgesteld. De Raad benadrukte dat vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in de bezwaarfase alleen aan de orde is indien het bestuursorgaan het onrechtmatige besluit bewust heeft genomen.
Uitkomst: Het hoger beroep van het Landelijk instituut sociale verzekeringen wordt ongegrond verklaard en het instituut wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.