ECLI:NL:CRVB:2001:AD5992
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Th.M. Schelfhout
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering onverschuldigde WW-uitkering wegens niet opgegeven freelance uren
Appellant was tot 28 februari 1992 in dienst en ontving daarna een WW-uitkering terwijl hij als freelance vertaler werkte. Hij gaf via werkbriefjes alleen de gedeclareerde uren op, niet de uren besteed aan administratie, acquisitie en zelfstudie. Gedaagde stelde op basis van een onderzoek dat appellant gemiddeld 23,6 uur per week als zelfstandige werkte en vorderde onverschuldigde uitkering terug.
De rechtbank ging hierin mee en wees de terugvordering toe. In hoger beroep voerde appellant aan dat de bijkomende werkzaamheden veel minder tijd vergden dan door gedaagde aangenomen. De Raad oordeelde dat gedaagde uit mocht gaan van de opgave van 1.225 uren per jaar, maar dat het besluit tot volledige terugvordering niet redelijk was omdat gedaagde onvoldoende rekening had gehouden met omstandigheden die appellant deels vrijwaren.
De Raad vernietigde het besluit en bepaalde dat gedaagde een nieuw besluit moet nemen, waarbij een gedeeltelijke terugvordering redelijk is. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot volledige terugvordering van de WW-uitkering wordt vernietigd en gedaagde moet een nieuw besluit nemen waarin een gedeeltelijke terugvordering wordt bepaald.