ECLI:NL:CRVB:2001:AD6296
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- J.Th. Wolleswinkel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering kinderbijslag wegens onjuiste toepassing overgangsregeling studiefinanciering
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) om vanaf het vierde kwartaal van 1996 geen kinderbijslag meer toe te kennen voor zijn zoon, die studeerde in Marokko. De SVB baseerde haar weigering op een gewijzigde overgangsregeling die het recht op kinderbijslag voor studerende kinderen vanaf 18 jaar beperkte, met name wanneer het kind een andere opleiding volgde dan op 1 oktober 1995.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, mede omdat appellant niet had gereageerd op verzoeken om aanvullende schoolgegevens en de SVB daarom zonder hoorzitting besloot. Appellant stelde in hoger beroep dat het formulier wel was teruggezonden en dat het achterwege laten van de hoorzitting onrechtmatig was.
De Raad overwoog dat het achterwege laten van een hoorzitting op grond van artikel 7:3 Awb Pro slechts met grote voorzichtigheid mag gebeuren en alleen indien het bezwaar kennelijk ongegrond is. Omdat de SVB niet beschikte over volledige informatie over het onderwijs van het kind in het schooljaar 1995/1996, had zij niet zonder meer kunnen concluderen dat het kind een andere opleiding volgde. Het niet houden van een hoorzitting was daarom onjuist.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep alsnog gegrond en bepaalde dat de SVB een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. Tevens werd de SVB veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de Sociale Verzekeringsbank wordt vernietigd en het beroep van appellant wordt alsnog gegrond verklaard.