ECLI:NL:CRVB:2001:AE8656
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen herziening arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van AAW en WAO
Het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) is in hoger beroep gekomen tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen die een besluit tot herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van gedaagde vernietigde. Gedaagde was sinds 1992 arbeidsongeschikt als gevolg van rugklachten en ontving uitkeringen volgens de AAW en WAO. In 1997 werd zijn uitkering herzien van 80-100% arbeidsongeschiktheid naar 25-35%, gebaseerd op een beoordeling van een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige.
De rechtbank had het besluit vernietigd omdat de voorgehouden functies onvoldoende afwisseling boden in zitten, staan en lopen, wat volgens een revalidatiearts noodzakelijk was. De functies betroffen onder andere steksteker, inpakker koekjes en samensteller, die volgens de rechtbank niet voldeden aan de eis van afwisseling.
De Raad stelt echter dat in productiebedrijven de werkdag zodanig is ingedeeld met pauzes en mogelijkheden om de werkplek te verlaten, dat er voldoende gelegenheid is tot afwisseling en lopen. Hierdoor acht de Raad de voorgehouden functies passend en vernietigt het vonnis van de rechtbank. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van het Landelijk instituut sociale verzekeringen wordt ongegrond verklaard en het besluit tot herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering blijft in stand.