ECLI:NL:CRVB:2001:AF3979
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.H. van Kreveld
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag kapitein Koninklijke Luchtmacht wegens drugsvondst en ongeoorloofde afwezigheid
Appellant was kapitein bij de Koninklijke Luchtmacht en werd uitgezonden naar Kroatië. Tijdens vakantie werd hij door de Kroatische politie aangehouden met een aanzienlijke hoeveelheid drugs in zijn auto. Hierdoor meldde hij zich niet bij zijn dienstonderdeel, wat leidde tot een ontslagbesluit wegens onbekwaamheid en ongeschiktheid.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij onschuldig was en dat de drugs door een ander in zijn auto waren geplaatst, en dat zijn afwezigheid overmacht betrof. Tevens stelde hij aanspraak te maken op wachtgeld en aanstellingspremie vanwege zijn eerdere onberispelijke staat van dienst.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor zijn onschuld en dat het bezit van drugs en de ongeoorloofde afwezigheid terecht leidden tot ontslag. De Raad bevestigde dat appellant verwijtbaar werkloos is geworden en dat de weigering van wachtgeld en aanstellingspremie terecht is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag met weigering van wachtgeld en aanstellingspremie wordt bevestigd.