ECLI:NL:CRVB:2001:BJ7813
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinair ontslag schooldirecteur wegens ernstig plichtsverzuim
In deze zaak stond het hoger beroep van een schooldirecteur centraal die op grond van plichtsverzuim, namelijk het plegen van vergaande ontuchtige handelingen jegens meisjes uit de hoogste groepen van zijn school, was ontslagen. De bestuurscommissie had het ontslag verleend en de rechtbank had dit besluit bevestigd.
De Centrale Raad van Beroep heeft de feitenvaststelling van de rechtbank als juist beoordeeld. De Raad onderschrijft de conclusie dat de gedragingen van de appellant ernstig plichtsverzuim vormen. Tevens werd het verweer van appellant, dat vooral betrekking had op de waarde van zijn politieverklaringen, door de Raad verworpen.
De Raad oordeelde dat het onvoorwaardelijk ontslag de passende disciplinaire straf is en dat er geen gronden zijn om het besluit te vernietigen of te matigen. Het hoger beroep bevatte geen nieuwe argumenten die aanleiding gaven tot een ander oordeel. De uitspraak van de rechtbank werd dan ook bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag van de schooldirecteur wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.