ECLI:NL:CRVB:2002:AE4590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- C.W.J. Schoor
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens onjuiste adressering bij rechtbank Alkmaar
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van de Sociale Verzekeringsbank waarin het recht op kinderbijslag werd afgewezen voor bepaalde kwartalen. Na een gedeeltelijke gegrondverklaring door de Sociale Verzekeringsbank werd beroep ingesteld bij de rechtbank Amsterdam. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift niet tijdig was ingediend bij de bevoegde rechtbank, aangezien het was gericht aan de rechtbank Alkmaar.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het samenwerkingsverband tussen de rechtbanken Alkmaar en Amsterdam en de vermelding van het Alkmaarse adres in de beroepsclausule betekenden dat het beroep tijdig bij de bevoegde rechter was ingediend. Tevens werd een beroep gedaan op een wetswijziging die het tijdstip van indiening bij de onbevoegde rechter bepalend zou maken.
De Raad oordeelde dat het samenwerkingsverband slechts administratief van aard was en geen verruiming van de bevoegdheid van de rechtbank Amsterdam inhield. De niet-ontvankelijkverklaring werd daarom bevestigd. De Raad wees ook het beroep op de wetswijziging af omdat deze niet met terugwerkende kracht van toepassing is op besluiten die voor de inwerkingtreding zijn genomen.
Uitkomst: Het beroep van appellant werd niet-ontvankelijk verklaard wegens indiening bij de verkeerde rechtbank buiten de beroepstermijn.