ECLI:NL:CRVB:2002:AE5848
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging herzieningsbesluit arbeidsongeschiktheid advocaat wegens onjuiste vaststelling
Appellant, werkzaam als gespecialiseerd advocaat, ontving een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de AAW, aanvankelijk vastgesteld op 65 tot 80%. Gedaagde, het UWV, herzag deze uitkering in 1995 naar 35 tot 45% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad onderzocht de medische rapportages, waaronder die van de oogarts Booij en de verzekeringsarts Punt. Appellant stelde dat de rechtbank onvoldoende rekening hield met het onderscheid tussen binoculaire en monoculaire arbeidsmogelijkheden en dat het uitschakelen van een oog onaanvaardbaar is. De Raad oordeelde dat appellant slechts 4 uur per dag lees- en schrijfwerk kan verrichten, in tegenstelling tot het bestreden besluit dat 7 uur toestond.
De Raad constateerde een ernstige omissie in het vooronderzoek, maar achtte deze hersteld door de mogelijkheid tot reactie tijdens de zitting en heropening van het onderzoek. Het bestreden besluit is in strijd met artikel 5, eerste lid, van de AAW en wordt vernietigd. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het herzieningsbesluit van het UWV wordt vernietigd en het beroep van appellant wordt gegrond verklaard.