ECLI:NL:CRVB:2002:AE7646
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- H. Bolt
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van herziening arbeidsongeschiktheidsuitkering op basis van arbeidskundige grondslag
De zaak betreft een geschil over de herziening van de WAO-uitkering van gedaagde door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv). Het besluit van 26 januari 1999 verhoogde de mate van arbeidsongeschiktheid van 15-25% naar 25-35%, wat gedaagde aanvocht. De rechtbank Maastricht vernietigde dit besluit wegens een onvoldoende arbeidskundige onderbouwing.
In hoger beroep betoogde appellant dat de arbeidskundige gegevens waren geactualiseerd conform het Schattingsbesluit WAO/Waz/Wajong en dat de oude functies niet meer voldeden aan de criteria. De Centrale Raad oordeelde dat het besluit niet berustte op een ontoereikende arbeidskundige grondslag, mede omdat sprake was van toegenomen beperkingen en een nieuwe functieselectie was gemaakt.
De medische grondslag werd niet meer betwist, en de Raad concludeerde dat gedaagde de functies kon vervullen die aan de schatting ten grondslag lagen. De mate van arbeidsongeschiktheid van circa 27% was daarmee juist vastgesteld. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van gedaagde ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde tegen de herziening van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.