ECLI:NL:CRVB:2002:AF4348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- H. Bolt
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over arbeidsongeschiktheidsuitkering op basis van vaststellingsovereenkomst belastbaar inkomen
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarin zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering voor 1995 en 1996 werd stopgezet omdat hij minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. Dit was gebaseerd op een vaststellingsovereenkomst tussen appellant en de fiscus waarin het belastbaar inkomen werd vastgesteld op € 18.151,21 voor die jaren.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat appellant het standpunt van de fiscus niet in rechte had betwist en de jurisprudentie bepaalt dat bij zelfstandigen in beginsel wordt uitgegaan van de door de fiscus vastgestelde netto-winst. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij in 1996 verlies had geleden en in 1997 failliet was gegaan, wat zou duiden op geen inkomsten in 1996.
De Raad overwoog echter dat deze stellingen onvoldoende waren om af te wijken van de vaststellingsovereenkomst en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het besluit van het UWV bleef in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV wordt bevestigd.