ECLI:NL:CRVB:2002:AF8084
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- H. Bolt
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten over arbeidsongeschiktheidsuitkering en toekenning schadevergoeding
Appellant, een zelfstandig akkerbouwer, ontving sinds 1988 een arbeidsongeschiktheidsuitkering op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 45 tot 55%. Gedaagde stelde dit percentage later bij op nihil en trok de uitkering in, mede gebaseerd op een onjuist vastgesteld maatmaninkomen. Bij een later besluit werd dit percentage herzien naar 25 tot 35%.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag terecht is vastgesteld op 20 mei 1987 en dat het maatmaninkomen op juiste wijze is berekend aan de hand van de netto-winst van de drie boekjaren voorafgaand aan deze datum, met gebruik van de CBS-loonindex-totaal voor actualisering. Besluit 1 en 3 zijn op deze grond vernietigd omdat zij gebaseerd waren op een ondeugdelijke feitelijke grondslag.
Het beroep tegen besluit 4 wordt ongegrond verklaard omdat dit besluit correct is genomen. De Raad wijst het verzoek van appellant tot schadevergoeding toe voor de wettelijke rente over de ten onrechte niet betaalde uitkeringen en veroordeelt het Uwv tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt besluiten 1, 2 en 3, wijst schadevergoeding toe en veroordeelt het Uwv in proceskosten en griffierechten.