ECLI:NL:CRVB:2002:AL1374
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- D.J. van der Vos
- Ch.J.G. Olde Kalter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na onzorgvuldige bezwaarprocedure
De zaak betreft een herziening van de WAO-uitkering van gedaagde, die sinds 1994 gedeeltelijk arbeidsongeschikt is. Na een eerdere toekenning van een uitkering van 80-100% werd deze herzien naar 45-55% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank vernietigde het besluit wegens onzorgvuldige voorbereiding, omdat medische informatie van een orthopedisch chirurg niet was voorgelegd aan de bezwaarverzekeringsarts.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat hoewel de bezwaarverzekeringsarts niet van alle medische informatie op de hoogte was, dit niet heeft geleid tot een onjuiste beoordeling van de belastbaarheid. De bezwaarverzekeringsarts had op basis van de beschikbare gegevens en een rapportage van een collega-artsen vastgesteld dat gedaagde geschikt was voor lichte arbeid met een verlies aan verdiencapaciteit van 48,3%.
De Raad bevestigt het vernietigde besluit en laat de rechtsgevolgen daarvan in stand. Er is geen aanleiding om de arbeidsongeschiktheidsschatting te wijzigen. Tevens wordt een recht van € 327,- geheven ten laste van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering wordt bevestigd ondanks onzorgvuldige voorbereiding; de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.