ECLI:NL:CRVB:2002:BJ7311
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- J.H. van Kreveld
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tenuitvoerlegging voorwaardelijk strafontslag wegens plichtsverzuim en intimiderend gedrag
Appellant, werkzaam als reiniger bij het Stadsdeel Zeeburg, kreeg op 9 juni 1997 een voorwaardelijk strafontslag opgelegd vanwege plichtsverzuim, waaronder te laat komen, verkeersovertredingen, onverantwoord rijgedrag en dreigend gedrag richting collega’s. Gedurende de proeftijd van een jaar werden nieuwe incidenten gemeld, waaronder verkeersovertredingen op 11 september 1997 en intimiderend gedrag.
Gedaagde besloot op 28 december 1998 over te gaan tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag vanwege het niet nakomen van de voorwaarden, waaronder het begaan van soortgelijk plichtsverzuim en dreigend gedrag. Appellant voerde onder meer aan dat zijn gedrag te wijten was aan een psychisch labiele situatie, maar kon dit niet met medische gegevens onderbouwen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat gedaagde terecht gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid tot tenuitvoerlegging. De Raad achtte de bewijslast voldoende, onder meer op basis van verklaringen, processen-verbaal en het verslag van verantwoordingsgesprekken. De eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag wegens plichtsverzuim en intimiderend gedrag.