ECLI:NL:CRVB:2003:AF5066
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loondoorbetalingsplicht bij oproepovereenkomst met structureel karakter
Appellant was sinds mei 1997 als oproepkracht werkzaam bij een taxibedrijf. Na ziekmelding in juni 1998 weigerde de werkgever de ziekmelding door te geven en werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) het recht op ziekengeld geweigerd op grond van loondoorbetalingsplicht van de werkgever.
De rechtbank oordeelde dat de arbeidsovereenkomst een privaatrechtelijke dienstbetrekking betrof vanwege het intensieve en regelmatige arbeidspatroon van appellant, waarbij hij in 24 van de 26 weken werkte en een roostermatige indeling had. Dit leidde tot de conclusie dat appellant recht had op loondoorbetaling en geen ziekengeld.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel en verwierp het beroep van appellant dat de overeenkomst een oproepovereenkomst was zonder doorbetalingsplicht. De Raad benadrukte dat ook oproepovereenkomsten een structureel karakter kunnen krijgen waardoor loondoorbetaling verplicht is en dat appellant nimmer werk had geweigerd.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de loondoorbetalingsplicht van de werkgever bevestigd, waardoor appellant geen recht heeft op ziekengeld.