ECLI:NL:CRVB:2003:AF7125
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep bevestigt afwijzing verzoek uitbetaling extra uren na eervol ontslag
Appellant, voormalig werknemer van de Informatie Beheer Groep, verzocht om uitbetaling van vanaf 1 juli 1993 opgebouwde extra uren na zijn eervol ontslag per 1 augustus 1999 in het kader van de FPU-regeling. Dit verzoek werd door gedaagde afgewezen, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank Groningen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand, waardoor een nieuwe beslissing op bezwaar niet noodzakelijk werd geacht.
Gedaagde nam op 13 december 2000 een nieuw besluit waarin het bezwaar wederom ongegrond werd verklaard. Dit besluit werd door appellant aangevochten en door de rechtbank terecht aan de Centrale Raad van Beroep doorgezonden. De Raad oordeelde dat het nieuwe besluit in strijd was met het in artikel 7:1 van Pro de Algemene wet bestuursrecht besloten beginsel dat op een reeds afgedaan bezwaar niet opnieuw kan worden beslist, en vernietigde dit besluit.
De Raad bevestigde verder dat appellant niet voldeed aan de voorwaarde voor vergoeding van overwerk zoals gesteld in artikel 23 van Pro het Bezoldigingsbesluit Informatie Beheer Groep 1994, en vond onvoldoende bewijs voor de door appellant gestelde toezeggingen die een afwijkende regeling zouden vormen. Gezien de inconsistenties in verklaringen en bewijsmateriaal achtte de Raad het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak in stand. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot uitbetaling van extra uren wordt afgewezen en het nieuwe besluit van 13 december 2000 wordt vernietigd wegens strijd met artikel 7:1 Awb.